© Powered by SiteSpirit

 

logo_DFC_03.png


 


Q&A Kinderpardon

Op 1 februari 2013 werd de kinderpardonregeling van kracht, dat is inmiddels 40 maanden geleden. Veel mensen denken dat er met de komst van het Kinderpardon een blijvende oplossing is gekomen voor kinderen die lang in Nederland zijn zonder verblijfsvergunning. Dat is helaas niet waar. Meer dan 92% van de kinderen wordt afgewezen. Per jaar komen er honderden kinderen bij aan wie een verblijfsvergunning op grond van het Kinderpardon wordt geweigerd. De politiek is nu aan zet. Er moet een wet en verblijfsrecht komen voor alle gewortelde kinderen.

Om hoeveel kinderen gaat het?
In totaal hebben 1.360 personen een aanvraag ingediend, waarvan er 100 zijn ingewilligd (bron: Rapportage Vreemdelingenketen Rijksoverheid). Gezinsleden die deel uitmaken van het gezin van de hoofdaanvrager komen ook in aanmerking voor een verblijfsvergunning. Bij de 100 ingewilligde aanvragen gaat het dus om ouders, broers en zussen bij elkaar opgeteld. Op basis van de definitieve kinderpardonregeling hebben naar schatting 50 kinderen een verblijfsvergunning gekregen.

Zijn de regels voor het Kinderpardon duidelijk?
Naast het feit dat kinderen vijf jaar of langer in Nederland moeten zijn om in aanmerking te komen voor het Kinderpardon, zijn er heel veel onduidelijke regels die in de praktijk zeer onrechtvaardig uitpakken. Het merendeel van de kinderen wordt afgewezen omdat het gezin onvoldoende gedaan zou hebben aan vertrek, het zogenaamde ‘meewerkcriterium’.

Belonen we illegaliteit?
De meerderheid van de kinderen die zijn afgewezen voor het Kinderpardon, verstoppen zich niet. Zij wonen op de gezinslocaties van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers en zijn al die tijd in beeld.

Is het schadelijk voor kinderen om uitgezet te worden na lang verblijf?
Wetenschappelijk onderzoek van Margrite Kalverboer (inmiddels Kinderombudsman) en Elianne Zijlstra (Rijkuniversiteit Groningen) toont aan dat kinderen na vijf jaar verblijf in Nederland niet meer zonder schade aan hun ontwikkeling uitgezet kunnen worden. Er zou daarom een stok achter de deur moeten komen in het huidige beleid. Wanneer een kind na vijf jaar niet heeft kunnen terugkeren of is uitgezet, moet het kind recht hebben op verblijf en een toekomst in  Nederland. De onzekerheid en angst hebben dan lang genoeg geduurd.


De kinderpardonregeling wordt toch door de rechter getoetst?
Dat klopt. De rechter geeft echter de staatssecretaris alle vrijheid om de regels van het Kinderpardon zo uit te leggen zoals hij het wil, omdat het om ‘begunstigend beleid’ gaat. Verschillende kinderen hebben hun beroep tegen de afwijzing van hun aanvraag op grond van de definitieve regeling bij de rechter gewonnen, omdat die rechter vindt dat het gezin wel genoeg heeft meegewerkt aan vertrek. De staatssecretaris gaat dan bijna altijd in hoger beroep. Van de hoogste bestuursrechter (de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State) krijgt hij dan toch gelijk. De verantwoordelijkheid van de overheid om tijdig tot een oplossing te komen, wordt bij de beoordeling van de aanvragen niet meegewogen. Het belang van het kind is hiermee totaal uit het oog verloren. Het is aan de politiek om dit op te lossen.

Hoe gaat het in de praktijk?
Het meewerkcriterium blijkt de belangrijkste afwijzingsgrond voor het Kinderpardon te zijn, zo blijkt uit de brief van staatssecretaris Dijkhoff van 25 mei 2016. Het meewerkcriterium wordt zo uitgelegd dat bijna niemand meer voldoet aan deze eis. Het blijkt in de praktijk nagenoeg onmogelijk om voor een verblijfsvergunning op grond van de definitieve regeling van het Kinderpardon in aanmerking te komen. Zo kan een kind zes jaar in de eerste asielprocedure verwikkeld zijn, maar had toch tegelijkertijd aan terugkeer moeten werken. Ook als de ouders van een kind een noodpaspoort bij de ambassade van het land  van herkomst aanvragen (en dus meewerken aan vertrek) en tegelijkertijd nog in afwachting zijn van een procedure, komt het kind niet in aanmerking voor het Kinderpardon. Het gezin had in plaats van te wachten op de uitspraak moeten vertrekken. Het meewerkcriterium wordt in de praktijk een ‘vertrekcriterium’. Niet vertrokken zijn wordt gelijkgesteld aan niet meewerken.

Wat moet er gebeuren?
De kinderrechten moeten weer centraal komen te staan. Kinderrechtenorganisatie Defence for Children pleit voor een wet en verblijfsrecht voor alle gewortelde kinderen in Nederland. Iedere dag leven deze kinderen in angst en onzekerheid. Het is daarom zeer urgent! De politiek moet nog voor het zomerreces met een oplossing komen voor deze kinderen.

Wat kunt u doen?
Laat uw stem horen voor deze kinderen en pleit ook voor een wet en verblijfsrecht voor deze kinderen!

Teken de petitie Ik Blijf Hier.


Deel via:



DEFENCE FOR CHILDREN WORDT ONDERSTEUND DOOR:

NPL logo 2013 .png
ministerie.png
Plan.jpg
kinderpostzegels.png
unicef.png
ministerie2.png
Save the Children logo vierkant 2.jpg
1.png
logo EU.jpg

Volg ons
Twitter Facebook RSS
Anbi CBF